Luchtkwaliteitsindex: Begrijp de cijfers voor een gezondere leefomgeving.

Luchtkwaliteit · AQI & index

Je ziet een getal en een kleur bij de luchtkwaliteit en je wilt weten wat het betekent, of het veilig is en wat je moet doen. Deze gids legt de luchtkwaliteitsindex uit: de Nederlandse LKI (1-11) én de internationale US-AQI (0-500), welke stoffen erin zitten, hoe je de kleuren leest en — belangrijk — hoe je je eigen binnenlucht meet, want die staat los van het cijfer voor buiten.

▶ Liever kijken dan lezen? Bekijk de samenvatting in 1 minuut.
Kort antwoord: De luchtkwaliteitsindex (AQI, air quality index) vat de concentraties van meerdere luchtvervuilende stoffen — fijnstof PM2.5 en PM10, ozon (O₃) en stikstofdioxide (NO₂) — samen in één getal met een kleur, zodat je in één oogopslag ziet hoe schoon of vuil de buitenlucht is. Per stof wordt de gemeten waarde omgerekend naar een deelindex; de hoogste daarvan bepaalt het eindcijfer. Lager is beter. In Nederland gebruiken RIVM en Luchtmeetnet de Luchtkwaliteitsindex (LKI) op een schaal van 1 tot 11 met de categorieën goed, matig, onvoldoende, slecht en zeer slecht. Internationaal (en in veel apps) zie je de Amerikaanse US-AQI van 0 tot 500. Let op: dit cijfer gaat over de lucht buiten — je binnenlucht meet je zelf.

TL;DR: de luchtkwaliteitsindex bundelt PM2.5, PM10, O₃ en NO₂ in één cijfer + kleur. Nederland: LKI 1-11 (1-3 goed/blauw, 4-6 matig/geel, 7-8 onvoldoende/oranje, 9-10 slecht/rood, 11 zeer slecht/paars) — bij index 6 of hoger advies om inspanning buiten te beperken voor gevoelige groepen. Internationaal: US-AQI 0-500 (0-50 goed, 51-100 matig, 101-150 ongezond voor gevoelige groepen, 151-200 ongezond, 201-300 zeer ongezond, 301+ gevaarlijk). Veelgemaakte fout: de buiten-AQI verwarren met je binnenlucht — die laatste meet je met een eigen meter.

Wat is de luchtkwaliteitsindex (AQI)?

Luchtvervuiling bestaat uit verschillende stoffen die elk in µg/m³ worden gemeten — lastig te duiden. De luchtkwaliteitsindex rekent elke concentratie om naar een gestandaardiseerde schaal en bundelt dat tot één getal met een kleurcode. Daarbij telt steeds de slechtst scorende stof: per stof komt er een deelindex en het hoogste cijfer wint. Is het fijnstof laag maar de ozon hoog op een warme zomerdag, dan bepaalt de ozon de index. Eén cijfer is dus handig, maar verraadt niet wélke stof het probleem is.

Welke stoffen zitten er in de index?

Index en LKI zijn gebaseerd op de stoffen die het sterkst met gezondheidsschade samenhangen. De NL-LKI gebruikt er vier; de US-AQI rekent daarnaast ook koolmonoxide (CO) en zwaveldioxide (SO₂) mee.

PM2.5 — fijnstofDeeltjes kleiner dan 2,5 micrometer. Dringen diep in de longen door en komen in de bloedbaan — gezondheidskundig de belangrijkste stof. Bronnen: verkeer, houtstook, industrie.
PM10 — grof fijnstofDeeltjes tot 10 micrometer. Blijven hangen in de luchtwegen en kunnen irritatie en astma verergeren. Onder andere uit wegslijtage, opwaaiend stof en houtrook.
O₃ — ozonHoog in de lucht beschermt ozon ons, maar op grondniveau is het schadelijk. Ontstaat bij zon uit andere stoffen, vandaar zomerse pieken; verergert ademhalingsklachten.
NO₂ — stikstofdioxideKomt vooral vrij bij verbranding in verkeer en industrie. Prikkelt de luchtwegen; concentraties zijn het hoogst langs drukke wegen en in steden.

Wat je hierin niet terugvindt: de stoffen die jouw binnenlucht bepalen, zoals CO₂ (ophoping bij slechte ventilatie), formaldehyde (HCHO) en vluchtige stoffen (TVOC) uit meubels en verf. Die zitten niet in de buiten-AQI en meet je apart met een eigen meter.

De Nederlandse Luchtkwaliteitsindex (LKI): 1 tot 11

In Nederland tonen RIVM en Luchtmeetnet de Luchtkwaliteitsindex (LKI). Die loopt van 1 (weinig vervuiling) tot 11 (veel vervuiling), is opgebouwd uit NO₂, PM10, PM2.5 en O₃, en is gegroepeerd in vijf kleurcategorieën op basis van gezondheidseffecten. Vanaf index 6 krijgen gevoelige groepen het advies om zware inspanning buiten te beperken.

LKI-index Kleur Beoordeling Wat je doet
1 – 3 Blauw Goed Geen beperkingen; gewoon buiten actief zijn
4 – 6 Geel Matig Meestal prima; gevoelige groepen letten op klachten bij zware inspanning
7 – 8 Oranje Onvoldoende Beperk langdurige zware inspanning buiten, zeker bij luchtweg- of hartklachten
9 – 10 Rood Slecht Vermijd inspanning buiten; gevoelige groepen blijven liever binnen
11 Paars Zeer slecht Inspanning buiten afraden voor iedereen; ramen dicht, binnenlucht schoon houden

Praktisch: bij blauw en geel hoef je je doorgaans geen zorgen te maken. Vanaf oranje (7+) wordt het advies concreter, en zoals altijd geldt het zwaarst voor gevoelige groepen: kinderen, ouderen, zwangeren en mensen met long-, hart- of vaatklachten. Dit is gezondheidsinformatie, geen medisch advies — bij klachten raadpleeg je huisarts of GGD.

De internationale US-AQI: 0 tot 500

In veel apps, weersites en nieuwsberichten over bijvoorbeeld bosbranden of smog zie je een ander getal: de Amerikaanse Air Quality Index (US-AQI) van de EPA. Die loopt van 0 tot 500 en kent zes categorieën. De EPA heeft de schaal in mei 2024 aangescherpt: de grens voor ‘goed’ fijnstof (PM2.5) ging van 12 naar 9,0 µg/m³ (24-uursgemiddelde), omdat onderzoek laat zien dat ook lage concentraties al risico geven.

US-AQI Categorie PM2.5 (24-uur, µg/m³) Wat je doet
0 – 50 Goed (groen) 0,0 – 9,0 Geen risico; geen maatregelen nodig
51 – 100 Matig (geel) 9,1 – 35,4 Zeer gevoelige mensen letten op bij langdurige inspanning
101 – 150 Ongezond voor gevoelige groepen (oranje) 35,5 – 55,4 Gevoelige groepen beperken inspanning buiten
151 – 200 Ongezond (rood) 55,5 – 125,4 Iedereen beperkt inspanning; gevoelige groepen vermijden buiten
201 – 300 Zeer ongezond (paars) 125,5 – 225,4 Vermijd inspanning buiten; blijf zoveel mogelijk binnen
301 – 500 Gevaarlijk (kastanjebruin) 225,5 – 325,4 Noodsituatie; binnenblijven, ramen dicht, lucht filteren

De PM2.5-grenzen in de tabel zijn de officiële EPA-breekpunten van de update van mei 2024: behalve het ‘goed’-punt (van 12 naar 9,0) verlaagde de EPA toen ook de bovengrenzen — AQI 200 ging van 150,4 naar 125,4 µg/m³, AQI 300 van 250,4 naar 225,4 en AQI 500 van 500,4 naar 325,4. Voor ozon, NO₂, CO en SO₂ gelden eigen breekpunten, maar de categorieën en kleuren blijven hetzelfde, en ook hier is het eindgetal de hoogste deelindex.

NL-LKI versus US-AQI: niet hetzelfde getal

Het verschil is geen detail: een LKI van 5 (matig) is iets héél anders dan een US-AQI van 5 (uitstekend), want de schalen lopen niet gelijk. Verwar de twee dus nooit en check altijd welke index je app of website toont.

  • Schaal: NL-LKI loopt van 1 tot 11, de US-AQI van 0 tot 500.
  • Bron: de LKI komt van RIVM/Luchtmeetnet (NL/EU-context), de US-AQI van de Amerikaanse EPA.
  • Categorieën: de LKI heeft er vijf (goed → zeer slecht), de US-AQI zes (goed → gevaarlijk).
  • Berekening: beide nemen de slechtst scorende stof, maar gebruiken andere breekpunten en middelingstijden.
  • Daarom geldt: vergelijk nooit een LKI-cijfer rechtstreeks met een AQI-cijfer — kijk naar de categorie/kleur en de onderliggende µg/m³-waarden.

Er bestaat overigens ook nog een Europese index (EAQI) van het Europees Milieuagentschap, met een vergelijkbare kleurindeling als de LKI. Voor Nederland is de LKI van Luchtmeetnet de leidende bron voor de buitenlucht.

De duurste fout: De grootste fout: de buiten-index (LKI of AQI) verwarren met de lucht bij jou bínnen. Het index-cijfer geldt voor de straat, niet voor je woonkamer. Binnen kan de lucht juist veel slechter zijn — door slechte ventilatie (hoog CO₂), koken, houtkachel, schoonmaakmiddelen of uitgassende meubels (HCHO/TVOC en fijnstof). Andersom kan binnen schoner zijn dan buiten bij smog, mits je ramen dicht houdt en filtert. Je kunt de binnenlucht dus niet aflezen uit een app — die meet je zelf, op de plek waar je echt bent. Tweede klassieke misvatting: denken dat Nederland de 0-500-schaal gebruikt. Dat is de Amerikaanse AQI; de officiële Nederlandse LKI loopt van 1 tot 11.

Hoe meet je je eigen lucht?

De LKI en AQI komen van vaste meetstations die soms kilometers verderop staan. Wil je weten hoe de lucht is waar jij woont, werkt of slaapt, dan meet je dat zelf met een luchtkwaliteitsmeter — die geeft vaak een eigen AQI-achtige score plus de losse waarden per stof:

  • Fijnstof (PM2.5/PM10): de directe tegenhanger van de buiten-AQI binnenshuis — meet je met een fijnstofmeter, handig bij houtstook, koken en verkeer voor de deur.
  • CO₂: de beste ventilatie-indicator. Loopt het op boven ~1.000 ppm, dan ververs je de lucht te weinig — meet je met een CO₂-meter.
  • HCHO en TVOC: formaldehyde en vluchtige stoffen uit meubels, verf en lijm; zitten niet in de buiten-AQI maar wel binnen.
  • Alles-in-één: wil je in één scherm fijnstof, CO₂, HCHO én TVOC zien met een totaalscore, kies dan een 10-in-1 luchtkwaliteitsmeter.

Tip: meet de trend, niet één momentopname. Kijk hoe de waarden bewegen vóór en ná ventileren, tijdens koken of als de kachel aan gaat. Zo zie je wat écht effect heeft op jouw binnenlucht. Het volledige aanbod staat in de webshop.

Veelgestelde vragen

Wat betekent de AQI / luchtkwaliteitsindex?

Het is een gestandaardiseerd cijfer dat de concentraties van meerdere luchtvervuilende stoffen (PM2.5, PM10, O₃, NO₂) samenvat in één getal met een kleur. Lager is schoner. Het cijfer is de hoogste deelindex van alle gemeten stoffen en geldt voor de buitenlucht.

Wat is een goede luchtkwaliteitsindex?

Op de Nederlandse LKI is index 1-3 (blauw) goed en 4-6 (geel) matig. Op de internationale US-AQI is 0-50 (groen) goed en 51-100 (geel) matig. Vanaf LKI 7 of US-AQI 101 wordt het advies om inspanning buiten te beperken concreter, vooral voor gevoelige groepen.

Wat is het verschil tussen de Nederlandse LKI en de US-AQI?

De Nederlandse Luchtkwaliteitsindex (LKI) van RIVM/Luchtmeetnet loopt van 1 tot 11 met vijf categorieën. De Amerikaanse US-AQI van de EPA loopt van 0 tot 500 met zes categorieën. Het zijn verschillende schalen — vergelijk de cijfers nooit rechtstreeks, kijk naar de kleur/categorie.

Welke stoffen zitten er in de luchtkwaliteitsindex?

De Nederlandse LKI gebruikt fijnstof (PM2.5 en PM10), ozon (O₃) en stikstofdioxide (NO₂). De US-AQI rekent daarnaast ook koolmonoxide (CO) en zwaveldioxide (SO₂) mee. Per stof wordt een deelindex bepaald; de hoogste telt.

Wat moet ik doen bij een hoge luchtkwaliteitsindex?

Vanaf oranje (LKI 7+ of US-AQI 101+) beperk je langdurige zware inspanning buiten, vooral als je tot een gevoelige groep hoort (kinderen, ouderen, zwangeren, mensen met long-, hart- of vaatklachten). Bij rood/paars blijf je liever binnen met de ramen dicht. Dit is informatie, geen medisch advies.

Geldt de AQI ook voor de lucht in mijn huis?

Nee. De LKI en AQI gelden voor de buitenlucht, gemeten op vaste stations. Je binnenlucht kan flink afwijken door ventilatie, koken, een kachel of uitgassende materialen. Je binnenlucht meet je zelf met een luchtkwaliteitsmeter.

Hoe meet ik mijn eigen luchtkwaliteit?

Met een luchtkwaliteitsmeter die fijnstof (PM2.5/PM10), CO₂ en bij voorkeur ook HCHO en TVOC toont. Een alles-in-één meter geeft een totaalscore plus de losse waarden, zodat je per stof ziet wat er speelt en of ventileren helpt.

Welke meter past bij jouw situatie?

Wil je vooral je binnenlucht volgen of meerdere ruimtes (woning, kantoor, school, zorglocatie) in de gaten houden? We denken graag mee over de juiste meter en welke stoffen voor jou belangrijk zijn. Het volledige aanbod staat in de webshop; twijfel je welke meter past, vraag het ons dan even — dan adviseren we je persoonlijk.

Vraag advies aan

Stel je vraag